Thuis is ... 'waar het dak niet lekt'

Filosoferen over 'thuis' op Timmerstad -Utrecht (Jaarbeurs)

Op Timmerstad-Utrecht timmeren en schroeven rond de 120 kinderen een eigen plek, hutje of huisje in elkaar. Maar wanneer wordt dit huisje een thuis? Over deze vraag dachten 60 kinderen met elkaar na. Ik faciliteerde het gesprek en bezocht de kids met een door Rob Hovens prachtig zelf getimmerd huisje. Geschreven door Daniëlle Arets (vrijwilliger Timmerstad en lector ontwerpen aan de journalistiek – Fontys Hogeschool Tilburg)

Thuis is: ‘waar je kunt ruzie maken’, ‘gamen met vrienden’, ‘waar je bed en spullen staan’, ‘een plek waar ik de weg goed ken en weet waar alles ligt’. ‘de taal die ik met mijn vrienden spreek en ze me begrijpen’.
En: ‘Ik moet wel een tijdje wennen om me thuis te voelen.
Soms duurt het een dag’.
Zo maar een paar rake uitspraken van kinderen die afgelopen week participeerden in de workshop filosofie op Timmerstad. In drie dagen bouwden ze niet alleen aan prachtige hutten, maar ook aan een sterk verhaal over wat ‘thuis’ betekent.

Timmeren aan een thuis

Wat drie jaar geleden begon als een charmant initiatief van drie vrienden, is inmiddels uitgebouwd tot een klein event; ruim 120 Utrechtse kinderen, participeerden van 26 tot 29 augustus in Timmerstad. In de Utrechtse Jaarbeurs bouwen ze in 3,5 dag een eigen houten huis. Dat betekent niet alleen flink zagen en timmeren, maar ook plannen maken over de inrichting, de vergroening en over de vraag wat ‘thuis’ zijn betekent. Timmerstad kende dit jaar naast een naaiatelier, een groenworkshop en een cursus metselen namelijk ook een workshop filosoferen over: ‘Wat is een thuis?’.
En hoewel dat best lastig is, zeker als je nog plannen hebt een dak op je huis te gaan maken, wist kinderfilosoof en filosofisch maker Vivienne Janssen, zo’n 60 kinderen aan het denken te zetten.

Gezeten in een ieniemienie tiny house, vakkundig in elkaar gezet door Timmerstad voorman Rob Hovens, rijdt Vivienne op een groepje kinderen af. “Wil jij even in mijn huis komen kijken?”, vraagt ze uitnodigend. Na soms wat lichte aarzeling, vooral ingegeven door de tijdsdruk van het maken van hun droomhuis (‘er moet nog een muur geschilderd’ , ‘er zit nog geen deur in’) gaan veel groepen op de uitnodiging in.

Wanneer wordt een huis een thuis?

“Knus is de eerste indruk van het eerste groepje”, maar niet echt een thuis; daarvoor zijn er te weinig spullen. “Zijn spullen nodig voor een thuis?” Vraagt Vivienne voorzichtig. De groep is er niet unaniem over; ja een bed en eten is wel handig, “maar thuis is toch vooral je veilig voelen”, zegt een meisje. “Wanneer voel je je veilig?”, vraagt Vivienne door? “Als het licht aan is” zegt de één; “als mijn ouders er zijn”, zegt de ander, en een derde vult aan dat er dan toch echt “geen lekkend dak moet zijn zoals in dit tiny house”. Gegiechel uit de groep volgt; een teken dat ze het een beetje spannend, maar toch ook wel leuk vinden.

Kun je ook thuis zijn in een supermarkt?

Ook de tweede groep gaat graag het gesprek aan. Deze groep jongens, vrienden van elkaar, heeft duidelijk bravoure; ze willen wel even vertellen wat thuis is. Dat is namelijk waar je kunt gamen en waar je je vrienden treft. Waar je bovendien gewoon bij elkaar kunt binnenlopen. Maar, ook waar je ruzie kunt maken, oppert iemand. Een interessante opmerking, zo vindt ook Vivienne, die de groep verleidt om door te denken. Ruzie maken met mensen waar je je veilig bij voelt is voor mij echt thuis zijn, zo licht de jongen zijn standpunt toe. Anderen moeten er even bij nadenken, maar geven hem geen ongelijk.
“En het dan weer goed maken”, vult iemand aan. Dan kantelt het gesprek: want je kunt ook thuis zijn bij Mc Donald’s zegt iemand, ja en bij de supermarkt vult een ander aan. Oja, vraagt Vivienne, wat maakt dat je je daar thuis voelt? Gelach volgt. “We moeten weer verder” roept iemand behendig.

Thuis vanaf de eerste plank

In de tien tot twintig minuten durende gesprekjes weet het ‘filosofiehuisje’ heel wat interessante gedachten over ‘thuis zijn’ te ontlokken aan deze kinderen uit groep 6, 7 en 8. Gesprekken die gaan over het belang van het hebben van een huis, en soms een tweede (vakantie)huis, over veiligheid, vriendschappen en jezelf zijn op een fijne plek. Over je thuis kunnen voelen ook zonder het hebben van een huis, of hoe een tent tijdens de vakantie heel huiselijk kan voelen. Timmerstad voelt voor sommige deelnemers duidelijk ook als een thuis: “ Ik voelde me al thuis bij het bouwen vanaf het timmeren van de eerste plank.” Voor sommigen is bouwen gewoon echt thuiskomen, vat één van de vrijwilligers het later nog eens treffend samen. En een leuk weetje: er ‘zaten’ op een gegeven moment tijdens een gesprek zo’n 15 kids in het huisje. Filosofie to the max 😉

Zie hieronder de aftermovie van Timmerstad-Utrecht
26 - 29 augustus 2026